Aandachtspunten voor het nieuwe fietsseizoen :


  • Het is de bedoeling dat we, afhankelijk van de weersomstandigheden, tijdens de clubritten in de A-groep een snelheid van maximaal 32 km/uur en in de B-groep van maximaal 29 km/uur aanhouden. De C-groep bepaald zelf hun snelheid.


  • Bij het vertrek, kiest eenieder zijn positie in de groep en blijft daar fietsen totdat er door gewisseld wordt ( meestal na circa 3 km ). We wisselen dan van positie , rechtsvoor laat zich afzakken en linksvoor gaat naar rechts de andere leden schuiven dan door, waarbij links naar voren gaat en de rechter rij zich af laat zakken. We gaan niet zwerven in de groep.


  • Elke rit heeft per groep een wegkapitein zoals vermeld in het ritten programma. De wegkapitein blijft voorin rijden op de eerste 8 posities en geeft duidelijk aan wanneer hij van plaats gaat wisselen. De wegkapitein gaat in de week vooraf, aan zijn toegewezen rit, deze rit verkennen. Volg alleen zijn aanwijzingen op.

Aandachtspunten voor fietsen in een groep :


  • Signaleren ( door iedereen ), duidelijke handgebaren.
  • Ritsen ( bepaald de wegkapitein ) rechts houdt in en links steekt voor rechts in,
  • Gevaarlijke situatie sturend oplossen,
  • Handen op de shifters of in de beugels,
  • Houd je aan de verkeersregels; rijdt niet door rood,
  • Houd rekening met anderen in het verkeer;
  • Pas je snelheid aan binnen de bebouwde kom,
  • Blijf beleefd naar andere weggebruikers, 
  • Rijd zoveel mogelijk op het aangegeven fietspad.


  • Sociaal :


Fietsen is een sociale sport. Het is niet alleen leuk om bij te kletsen, je fietst ook efficiƫnter en sneller door de samenwerking binnen de groep. Samen uit, samen thuis is ons motto. Want als een ander jou uit de wind houdt betekent dat ook dat je op elkaar wacht als dat nodig is. Andere weggebruikers ergeren zich vaak aan grote groepen.

Laat zien dat wij wielersporters juist rekening houden met anderen en denk goed na over je eigen gedrag op de weg.


  • Materiaal op orde :


Zorg dat je met een betrouwbare fiets aan de start verschijnt en neem reservemateriaal mee zodat je na pech snel weer op de fiets zit. Denk daarbij aan een reserveband, bandenlichters, een multitool en voldoende CO2 patronen of een fietspompje.

Zorg voor een bel op je fiets of een goed zichtbaar achterlicht.


  • Gebruik je kop, helm op:


Hoofdletsel is niet de meest voorkomende sportblessure, maar wel een blessure die vaak ernstige gevolgen kan hebben. Wanneer je gaat fietsen draag je een helm.

Tijdens de clubritten is het dragen van een valhelm en de clubkleding verplicht.


  • Volg de wegkapitein:


Elke rit heeft een wegkapitein zoals vermeld op het rittenprogramma,  hij geeft steeds op tijd aan, bij kruisingen en splitsingen of men recht/links of rechtdoor moet. Hij volgt het rittenprogramma en zal voor de rit de route verkennen. Indien hij verhindert is regelt hij zelf een vervanger. Volg de aanwijzingen van de wegkapitein op.


  • Energie op peil:


Zorg dat je fit aan de start staat en eet en drink voldoende. Bij inspanningen die maximaal een uur duren, kun je prima uit de voeten met een maaltijd tot twee uur voor de inspanning en goed drinken vooraf. Op die manier kom je met voldoende reserves aan de start en hoef je alleen in warme omstandigheden wat extra water te drinken. Zodra je langer dan een uur op de fiets zit is het belangrijk vocht, suikers en zout op peil te houden tijdens de rit.